In projecten zorgt die verandering nog geregeld voor verwarring. Een adviseur of aannemer die het oude traject gewend is, wacht op een goedkeuring die niet meer komt. Een ander denkt dat er niets meer geregeld hoeft te worden. Beide klopt niet.
Wie stelt het op
| Partij | Rol bij het basisontwerp |
|---|---|
| Brandveiligheidsadviseur | Stelt het document op. Daarvoor bestaat een vrijwillig certificatieschema; wettelijk is het opstellen niet aan een kwalificatie gebonden. |
| Opdrachtgever | Geeft opdracht, bepaalt de doelstellingen, en tekent later het programma van eisen dat eruit volgt. |
| Bevoegd gezag | Betrokken partij voor de wettelijke uitgangspunten. Preventieve goedkeuring vooraf is vervallen. |
| Verzekeraar | Kan mede-vaststeller zijn en zwaardere afgeleide doelstellingen laten opnemen dan de wet vraagt. Ook de inspectiefrequentie kan hieruit komen. |
Wat er is veranderd, en wat niet
De omgevingsvergunning brandveilig gebruik bestaat sinds 1 januari 2024 niet meer. Wat overbleef, is de gebruiksmelding. Voor kantoor- en industriefuncties schoof de drempel voor die melding op van vijftig naar honderdvijftig personen.
Hetzelfde gebleven is de toets van de inspectie-instelling: is het akkoord van eigenaar of gebruiker met het basisontwerp herleidbaar, en zijn gelijkwaardige oplossingen in het kader van de bouwregelgeving vastgelegd? Er is vooraf minder toezicht. Achteraf moet de opdrachtgever dus meer zelf kunnen aantonen.
Het basisontwerp is ook de plek voor risico’s die de wet niet per ruimte benoemt. Het Bbl kijkt naar de gebruiksfunctie en niet naar de inhoud van een ruimte. Laadt het personeel e-bikes in de kelder of staat er een bedrijfsbatterij, dan legt u dat hier vast; zie accu’s in het bedrijfspand.
Geen UPD te vinden: dat is normaal
Bij een bestaand gebouw ontbreekt het uitgangspuntendocument vaak, en het Informatiepunt Leefomgeving zegt dat zelf ook. Een installatie van tien of twaalf jaar oud is daarop geen uitzondering. Het document wordt dan achteraf opnieuw opgebouwd uit drie bronnen: wat er feitelijk hangt, de vergunning van toen en het normblad van dat moment.
Voor bestaande bouw is dat normblad NEN 2535:1996. Wie bij de reconstructie de nieuwste norm erop legt, maakt het gebouw dus onnodig duur.
Bewaar het bewijs
Het Informatiepunt Leefomgeving geeft gebouweigenaren één advies uitdrukkelijk mee, en wij sluiten ons daarbij aan: gooi papieren met een goedkeuring nooit weg. Gaat het gebouw later op de schop, dan bewijst het oorspronkelijke uitgangspuntendocument, met stempel, datum en handtekening, wat het rechtens verkregen niveau is.
Voor de projectleider van een renovatie scheelt dat een half jaar discussie. Zonder dat papier moet u aantonen wat er ooit rechtmatig is vergund, en dat lukt zelden.
Wat wij doen
Het uitgangspuntendocument schrijven laten wij over aan de brandveiligheidsadviseur. Wij vertalen het basisontwerp naar een werkbaar programma van eisen en een projectering. Bij een bestaand gebouw zoeken wij uit wat er ooit is bedacht en zetten dat opnieuw op papier.
Wij leggen brandmeldinstallaties aan, vervangen ze en onderhouden wat wij zelf hebben gebouwd. Keuren doet een onafhankelijke inspectie-instelling.